Ga naar inhoud
Contrast instellingen
CVI
Icon CVI

CVI

"Begrijpen wat het brein niet ziet"

CVI of cerebrale visuele inperking is aanwezig als er problemen worden vastgesteld van basale en/of ventrale en/of dorsale visuele functies. Bij kinderen met CVI loopt het fout bij de verwerking van visuele informatie in de hersenen. In grote lijnen zijn er vier soorten problemen. Niet alle problemen hoeven zich voor te doen om over CVI te kunnen spreken.

• Problemen om de aandacht op iets te kunnen richten in een grote hoeveelheid aan visuele informatie (drukke situatie op de speelplaats, drukke verkeerssituatie,…).

• Problemen met herkenning en betekenisverlening op basis van visuele informatie. Het niet herkennen van bepaalde voorwerpen, situaties of personen kan heel specifiek zijn.

• Problemen bij het ruimtelijk handelen in een drukke en bewegende omgeving.

• Problemen bij het richten of het verdelen van de visuele aandacht over verschillende zaken. Ze hebben vaak ook moeite om het kijken te combineren met een andere handeling (bv. kijken en luisteren).

We zien bij kinderen met CVI vaak bijkomende problemen. Een hersenbeschadiging, die aan de basis ligt van CVI, kan immers ook aanleiding geven tot andere problemen zoals een motorische beperking, verstandelijke beperking, epilepsie, ASS of ADHD.